Log in
en | fr | nl

Beïnvloeding, hoe doe je dat?

  • Public
Beïnvloeding, hoe doe je dat?

Margriet Sitskoorn is hoogleraar klinische neuropsychologie aan de Universiteit van Tilburg. Ze sprak voor een publiek van biotechnologen, droogspecialisten en energieadviseurs over de relatie tussen hersenen en gedrag. Een les over luie hersenen, emoties, het CEO-brein en beïnvloeden.

Tekst: David Redeker

Wat moet een hersenonderzoeker op een bijeenkomst van biotechnologen, ingenieurs, proceskundigen, scheidingsexperts, droogspecialisten en energieadviseurs? Dat is een goede vraag. Het antwoord is minder gek dan je denkt: adviezen geven over omgaan met veranderingen. Want technologen kunnen bijvoorbeeld de mooiste energiebesparende innovaties verzinnen, maar als de bazen en de operators niet meewerken, dan komt er van al die mooie plannen niks terecht.

De luie hersenen

"Iedere ervaring heeft invloed op de ontwikkeling van de hersenen. Wat heel veel mensen niet weten en wel zouden moeten weten, is dat alles wat je doet meteen de structuur en functie van je hersenen bepaalt. Dat je hersenen voortdurend veranderen, noemen we neuroplasticiteit. Het gebeurt de hele tijd. Tijdens het slapen, tijdens het werken en ook als je uit het raam kijkt. Maar de hersenen zijn lui. Ze werken het liefst in de standaardmode."

De alarmstand

"Zo gauw je iets anders moet doen dan dat je altijd al gedaan hebt en waar je het nut niet van in ziet, gaan de hersenen in de alarmstand. De hakken gaan in het zand. Dat kun je ook aan de buitenkant zien. De ene persoon gaat met de armen over elkaar zitten. De andere persoon smoest met zijn buurman en maakt de spreker belachelijk. Dat is goed zolang je je oude gedrag moet volhouden, maar het houdt je tegen als je iets nieuws moet doen."

Multitasken

"Ik zeg het maar meteen. Multitasken bestaat niet. Het is een illusie. De hersenen zijn heel slecht in multitasken, in parallelprocessing. De hersenen kunnen wel razendsnel switchen tussen de twee taken. Maar terwijl je switcht verlies je 0,7 seconden aan input/output. Appen in de auto als je rijdt? Dat gaat goed zolang er niks onverwachts op de weg gebeurt. Multitasken is dan dus gevaarlijk. Bovendien kost het steeds maar switchen enorm veel energie."

Pijn en genot (1)

"Van oudsher gaat het in het leven om twee dingen: in leven blijven en voortplanten. Eten, drinken, seks, veiligheid, een partner: het is allemaal terug te voeren op voortbestaan en voortplanten. Een groot deel van onze hersenen is erop ingericht. Het werkt via pijn en genot. Die twee zaken sturen ons gedrag. Een eerste tip voor beïnvloeding is dan ook: werk in op genot of pijn. Genot? Denk aan autoreclames met schaars geklede dames. Pijn? Denk aan de postcodeloterij met de winnende straat en de mensen zonder lot."

Pijn en genot (2)

"Pijn en genot sturen dus ons gedrag. Ook de belangrijke sociale domeinen zijn aan pijn en genot gerelateerd. Het gaat om 'SCARF'. Dat acroniem staat voor Status, Certainty, Anatomy, Releatedness, Fairness. Hoe hoger je scoort op SCARF, hoe meer je genotsysteem wordt geprikkeld. Een tweede tip voor beïnvloeding: zorg dat SCARF stijgt. Als er iets van je gevraagd wordt waarbij SCARF stijgt, dan werk je mee. Als de SCARF verlaagd wordt, dan gaan de hakken in het zand. Een voorbeeld? Ik was op een ministerie waar een papierloos kantoor werd ingevoerd. Een ambtenaar ging met de hakken in het zand: "Hier zijn de prullenbakken weggehaald, maar boven staan ze nog." Er werd dus geknaagd aan zijn Status uit SCARF. Een andere ambtenaar zei: "Vandaag de prullenbakken, morgen de printer?" Dat heeft te maken met de daling van zekerheid, de Certainty uit SCARF. Kortom, houd SCARF in de gaten als je iets wilt veranderen."

Het CEO-brein

"Gelukkig bezitten we nog een ander deel in onze hersenen. De prefrontale hersenschors. Ofwel het CEO-brein. Het brein van de Chief Executive Officer, de topmanager. Het CEO-brein is voor plannen, voor complexe beslissingen, voor creativiteit en voor leiderschap. Dat gebied controleert onze emoties. Het kijkt naar normen en waarden. De prefrontale hersenschort creëert ruimte tussen stimulus en respons. De prefrontale hersenschors is wat mij betreft het hersenonderdeel van de toekomst."

Het puberbrein

"Je prefrontale hersenschors ontwikkelt zich vooral tot ongeveer je vijfentwintigste levensjaar. Dat gaat niet voor alle vaardigheden tegelijkertijd. Eerst ontwikkelt zich bijvoorbeeld het creatieve deel. Daarna pas het vooruitdenkdeel. Dat zie je bijvoorbeeld bij puberjongens die een brommer koppelen aan een draaimolentje in een speeltuin. Heel creatief. Maar ze komen er pas achter dat het niet echt doordacht is als ze met een grote boog uit het draaimolentje geslingerd worden en van alles kunnen breken."

De training

"Je kunt je prefrontale hersenschors ontwikkelen en trainen. Sporten helpt. Mediteren helpt. Goed ademhalen helpt. Voldoende slaap helpt. En ook goed zijn nieuwe ervaringen. We noemen dat in vaktermen 'enriched environment'. Je moet gewoon soms even iets anders doen dan normaal. Iets wat je leuk vindt om te doen maar nog nooit gedaan hebt. Doe eens gek. Doe eens iets anders."

Het boek

"Het is natuurlijk allemaal makkelijker gezegd dan gedaan. Ik heb er een heel boek over geschreven: Ik2, de beste versie van jezelf. Het is een persoonlijk trainingsprogramma voor je hersenen. Ik heb het geschreven om mensen te helpen hun doelen te halen in deze stressvolle wereld. Op de website www.ik2.nl kun je alvast een stuk lezen en daar staan ook testjes en korte filmpjes met concrete tips."

Kortom

"De conclusies van mijn verhaal? Eén: herken je eigen 'out of comfortzone'-reacties. Ze houden je vaak tegen bij nuttige veranderingen. Twee: houd rekening met SCARF. Daardoor vermijd je veel conflicten. Drie: slaap, beweeg en doe eens iets nieuws. Zo train je je CEO-brein, het hersenonderdeel van de toekomst."